Geestelijke veerkracht (2): spannende vragen

In het tweede bericht van deze week wil ik graag dieper ingaan op hoe we ons geestelijk vuur brandend kunnen houden. Ik wil daarbij, net als gisteren, opnieuw de metafoor van de wedloop aanhalen. De Bijbel gebruikt deze ook verschillende keren.

Leestijd: 4 minuten

Zo vergelijkt Paulus in zijn leven met dat van een atleet (en een bokser):

“Weet u niet dat van de atleten die in het stadion een wedloop houden er maar één de prijs kan winnen? Ren als de atleet die wint. Iedereen die aan een wedstrijd deelneemt beheerst zich in alles; atleten doen het voor een vergankelijke erekrans, wij echter voor een onvergankelijke. Daarom ren ik niet als iemand die geen doel heeft, vecht ik niet als een vuistvechter die in de lucht slaat. Ik hard mezelf en oefen me in zelfbeheersing, want ik wil niet aan anderen de spelregels opleggen om uiteindelijk zelf te worden gediskwalificeerd.” (1 Kor. 9:24-27)

Veerkracht krijg je niet vanzelf. Je kunt iets volhouden, als je voorbereid bent, als je getraind bent. Natuurlijk, sommige mensen zijn van nature (opvoeding, genen) gezegend met meer doorzettingsvermogen, wilskracht en optimisme dan anderen. Maar de laatste jaren wordt steeds duidelijker dat veerkracht iets is wat je kunt ontwikkelen en dat je niet alleen gedrag kunt veranderen, maar dat je zelfs karakter kunt vormen en beïnvloeden.

Paulus ziet het leven van een gelovige als een test. Eigenlijk heeft hij het hier over geestelijke veerkracht. Hij legt zichzelf verplichtingen op en hardt zichzelf. Voor een sporter is het einddoel het belangrijkste: de overwinning, of een (persoonlijk) record, of simpelweg de eindstreep halen. Hij getroost zich ontberingen en ontzegt zich van alles, om dit doel te bereiken.

Geloven is een spier

Over wat ons doel is, wil ik morgen verder schrijven. Maar interessant is dus dat geloven (en ernaar leven) niet iets is, wat je vanzelfsprekend volhoudt. Ik had een keer een gesprekje over het geloof met een deelnemer in het WB-huis tijdens het avondeten. Deze deelnemer zei iets wat me bij bleef: ‘Geloven is een spier. Die moet je trainen.’

Recent noemde ik Ingrid Betancourt, de gegijzelde Colombiaanse presidentskandidate, die geloven ‘een oefening van de wil’ noemde.

Clarence Seedorf

Een poosje geleden (februari 2019) zat Clarence Seedorf in De Wereld Draait Door. Seedorf is de Nederlandse voetballer met de meeste prijzen ooit. Seedorf is al 24 jaar gestopt als profvoetballer, maar hij is nog topfit. Indrukwekkende beelden werden getoond van een man met spieren als kabels, die in zijn huiskamer push ups en sit ups aan het doen is. Hij zei:

“Het is geen dagelijkse routine, maar ik sport heel veel. Het is voor mij lifestyle. Ik laat dit zien omdat ik weet hoe moeilijk het is voor mensen om zichzelf te motiveren. Het is voor mij ook niet makkelijk om te motiveren om dan maar weer de gym in te gaan, om maar weer te sporten. Ik doe het omdat het goed voor je gezondheid is, goed voor je humeur, goed voor je self esteem. Het is allemaal heel belangrijk op lange termijn, het is voor mij gewoon echt een manier van leven en het is niet alleen maar sporten, maar hoe eet je, hoe drink je, het totale pakket. Want je kan wel gaan sporten, maar als je daarna weer eh … (maakt drinkbeweging, lacht), teveel alcohol gaat drinken…

Nee, het is echt een lifestyle van mij geworden; ik kan niet zonder. Ik weet van oud-collega’s hoe zwaar het voor ze is om toch weer te gaan sporten, met zoveel gedaan, zoveel kilometers gelopen, dat vergt mentaal een kracht. Maar als je het echt je lifestyle maakt, dan heb je daar niet zoveel kracht meer voor nodig. Want je weet waarvoor je het doet en je weet dat je er een goede return voor hebt.”

Waarom wilde hij dit laten zien? Om mensen te tonen dat discipline waarde heeft. Discipline leidt tot gewoonte en gewoonte leidt tot een lifestyle.

Discipline

Ik denk dat dit ook geldt voor het geestelijk leven. Jezus zegt: als jij in Mij blijft, dan blijf Ik in jou. (Joh. 15:7) En dan wordt er vrucht zichtbaar, de vrucht van de Geest.  Geestelijke disciplines zijn de brandstof voor ons vuur. Van die saaie, niet spannende, soms vervelende dingen die vragen om geduld, gewoonte, doorzettingsvermogen. Bidden, (Bijbel) lezen, geestelijke liederen zingen, vasten, naar de kerk gaan, dienstbaarheid, etc…

Bij mij waren die dingen op een gegeven moment geen vanzelfsprekendheid meer. Ik twijfelde aan het nut er van. Nu kies ik er voor om mijn vuur te voeden met dit soort dingen. Het is niet altijd makkelijk. Seedorf vindt het ook niet makkelijk om zichzelf te motiveren om weer naar de gym te gaan, maar toch doet hij het. Omdat hij weet dat het bijdraagt aan een gezonde levensstijl en dat het, als het een gewoonte is, het je uiteindelijk minder kracht kost. Het is dus een kwestie van prioriteiten stellen. Discipline en discipelschap liggen dicht bij elkaar.

Ik pleit niet voor een werkgeloof of voor een routine waar alle vuur en spontaniteit van de Geest gedoofd wordt. Ik denk alleen dat als je deze dingen op gaat geven, het ertoe kan leiden dat je vuurtje dooft.

Vragen aan jezelf

De Canadese theoloog James K.A. Smith zegt dat het uiteindelijk neerkomt op een keuze: je bent wat je liefhebt. Hij stelt dat in veel christelijke kringen de nadruk sterk ligt op het rationele en het cognitieve: geloven is vooral weten en een kwestie van de juiste dingen kennen. In andere kringen ligt de nadruk weer erg op gevoel en emotie. Maar, zegt Smith, net zo belangrijk, of misschien wel belangrijker nog dan dingen leren of voelen, is vorming.

Daarbij horen dan vragen als: in welk verhaal wil ik meegenomen worden? Welke gewoonten, gebruiken en tradities passen daarbij? Hoeveel aandacht geef ik aan mijn geloof? Waarmee vul ik mijn gedachten? Hoe besteed ik mijn tijd? Welke stemmen, welke prikkels laat ik toe en welke laat ik niet toe? Waarom? Wat is hun invloed op mijn ziel? Weet ik wat goed is voor mijn ziel? Welke dingen komen mijn geloof ten goede? Waar krijg ik geestelijke energie van? Is mijn geloof bestand tegen tegenspoed? Tegen kritische vragen? Welk verschil maakt mijn geloof? Is wat ik doe in overeenstemming met wat ik geloof? Wat of wie aanbid ik eigenlijk? En wat is dat eigenlijk, aanbidding?

Misschien moet je eerst nog wel verder terug met je vragen: Waarom geloof ik eigenlijk? Wat zijn mijn principes? Waar verlang ik ten diepste naar? Hoe zou ik willen zijn en leven? Waarnaar wil ik gevormd worden?

Dat zijn spannende vragen. Maar om geestelijk veerkrachtig te zijn en het vol te houden, is het belangrijk dat je weet wie je bent en waar je naar toe wilt. Want in tijden van tegenslag en moeite wordt je daar op teruggeworpen. Zodat, met de woorden van Seedorf, je ”weet waarvoor je het doet en je weet dat je er een goede return voor hebt.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *